Een overlijdensrisicoverzekering is typisch zon verzekering waarvan je hoopt dat hij nooit nodig is. Toch kan het ontbreken ervan grote financiële gevolgen hebben wanneer jij of je partner overlijdt.
Want de hypotheek, energierekening en andere vaste lasten verdwijnen niet automatisch wanneer een inkomen wegvalt. Kun je de woonlasten dan nog betalen? Is er voldoende spaargeld? En kan je partner in de woning blijven wonen?
Heb je geen overlijdensrisicoverzekering, dan betekent dat niet automatisch dat je verkeerd verzekerd bent. Of zo’n verzekering nodig is, hangt sterk af van je persoonlijke situatie. Het is alleen belangrijk om te weten wat er financieel gebeurt als één van jullie wegvalt.
Bij een overlijdensrisicoverzekering spreek je een verzekerd bedrag en een bepaalde looptijd af. Overlijdt de verzekerde binnen die looptijd en wordt aan de voorwaarden voldaan, dan keert de verzekeraar het afgesproken bedrag uit.
Dat geld kan bijvoorbeeld worden gebruikt om een deel van de hypotheek af te lossen of om het weggevallen inkomen tijdelijk op te vangen.
Het doel is dus niet zozeer om alle financiële gevolgen van overlijden weg te nemen. Het gaat er vooral om dat de achterblijvers meer financiële ruimte krijgen op een moment waarop hun situatie ingrijpend verandert.
Stel dat jullie samen een woning hebben gekocht en de hypotheek is gebaseerd op twee inkomens. Als een van jullie overlijdt, blijft de hypotheekschuld in principe bestaan.
Maar er is voortaan mogelijk nog maar een inkomen om de maandelijkse lasten van te betalen.
Dat kan een groot verschil maken.
Zonder uitkering uit een overlijdensrisicoverzekering moet de achterblijvende partner de woonlasten op een andere manier kunnen dragen. Bijvoorbeeld met het eigen inkomen, spaargeld, een nabestaandenpensioen of andere voorzieningen.
Lukt dat niet, dan kan uiteindelijk de vraag ontstaan of in de woning blijven wonen financieel haalbaar is.
Niet puur omdat je geen overlijdensrisicoverzekering hebt.
De belangrijkste vraag is of de achterblijvende partner de financiële situatie kan opvangen. Misschien is het inkomen voldoende om de hypotheek en andere vaste lasten te blijven betalen. Ook kunnen er andere financiële voorzieningen zijn.
Is dat allemaal niet voldoende, dan kan verkoop van de woning uiteindelijk wel een mogelijkheid worden.
Dat maakt het risico van geen verzekering heel concreet. Het gaat niet alleen over een bedrag dat wel of niet wordt uitgekeerd, maar mogelijk ook over de vraag of je partner in het gezamenlijke huis kan blijven wonen.
Bij het bepalen van het financiële risico wordt al snel alleen naar de hypotheek gekeken. Maar na een overlijden verandert er meer.
Denk bijvoorbeeld aan boodschappen, energie, verzekeringen, vervoer en de kosten voor kinderen. Sommige uitgaven dalen, maar andere kosten blijven vrijwel hetzelfde.
Bij jonge gezinnen kan ook kinderopvang een rol spelen. Misschien moet de achterblijvende partner juist minder gaan werken of extra opvang regelen.
Niet iedereen heeft dezelfde verzekering nodig.
Hebben jullie bijvoorbeeld veel spaargeld, een relatief kleine hypotheek of kan een van jullie de woonlasten gemakkelijk alleen dragen? Dan ziet het financiële risico er heel anders uit dan bij een jong gezin dat net een woning heeft gekocht en de hypotheek op twee inkomens heeft gebaseerd.
Ook bestaande voorzieningen kunnen een rol spelen. Denk aan een nabestaandenpensioen via een werkgever.
Het is daarom niet verstandig om automatisch te zeggen dat iedereen met een hypotheek een overlijdensrisicoverzekering nodig heeft.
Je moet eerst weten wat er gebeurt als een inkomen wegvalt.
Een overlijdensrisicoverzekering wordt vaak gekoppeld aan het kopen van een huis, maar een hypotheek is niet de enige reden om erover na te denken.
Ook wanneer je huurt, kunnen de financiële gevolgen van overlijden groot zijn.
Stel dat jullie de huur en vaste lasten samen betalen. Kan je partner de woning dan nog betalen wanneer jouw inkomen wegvalt?
Het financiële risico zit dus vooral in de afhankelijkheid van elkaars inkomen.
Misschien heb je bij het afsluiten van je hypotheek jaren geleden al een overlijdensrisicoverzekering geregeld.
Dan betekent dat niet automatisch dat je er nooit meer naar hoeft te kijken.
Je hypotheek kan inmiddels lager zijn geworden, jullie inkomens kunnen zijn veranderd en misschien is jullie gezinssituatie anders. Andersom kan een verzekering die ooit voldoende was inmiddels minder goed aansluiten.
Het is daarom verstandig om bij grote veranderingen opnieuw te kijken naar de gevolgen van overlijden.
Uiteindelijk is dat de belangrijkste gedachte.
Wanneer je overlijdt zonder overlijdensrisicoverzekering, is er vanuit die verzekering geen bedrag beschikbaar om de financiële gevolgen op te vangen.
Dat hoeft geen probleem te zijn als er voldoende andere middelen en voorzieningen zijn.
Zijn die er niet? Dan kan het wegvallen van een inkomen grote gevolgen hebben voor de maandelijkse lasten en daarmee voor de financiële mogelijkheden van je partner of gezin.
Daarom kijken we bij Suelmann liever niet alleen naar de vraag of je een overlijdensrisicoverzekering hebt.
We kijken naar het grotere plaatje. Wat zijn jullie woonlasten? Wat gebeurt er met het inkomen als een van jullie overlijdt? Welke voorzieningen zijn er al? En hoeveel geld is er nodig om de achterblijvende partner financieel voldoende ruimte te geven?
Pas als je dat weet, kun je bepalen of een overlijdensrisicoverzekering in jouw situatie nodig is en welk bedrag daarbij zou passen.
Want het gaat uiteindelijk niet om het hebben van zoveel mogelijk verzekeringen. Het gaat erom dat de risico’s die je niet zelf kunt of wilt dragen, goed zijn geregeld.